Pesten? Dat pik je niet!
Column in Magazine A7, september 2011
door Ate de jong
Pesten? Dat pik je niet!
Je vrienden wat opnaaien, dat vinden Friezen leuk. Althans: Friese mannen. Buitenlandse mensen verbazen zich daar wel over: zo doe je toch niet tegen je vrienden. Maar Friezen doen dat juist tegen hun vrienden. Zeg mij wie je plaagt en ik zeg je wie jouw vrienden zijn, is een Fries motto.
Plagen is leuk omdat het over en weer gaat. Vandaag herinner jij jouw collega aan die dramatische nederlaag van Cambuur, maar volgende week krijg je het met rente retour, want jouw club, Heerenveen, speelde als een krant. Plagen is als tafeltennis: tik – tak – tik – tak.
Pesten is iets volstrekt anders. Plagen verandert in pesten als één persoon voortdurend voor gek wordt gezet. Het getiktak verwordt dan tot tik – tik – tik.
Pesten kan vele vormen aannemen. Steeds dezelfde persoon niet meevragen voor de lunch, bijvoorbeeld. Iemand bespotten vanwege zijn / haar uiterlijk, (buitenlandse)afkomst, sexuele voorkeur, manier van doen. Pesten kan uitmonden in dreigementen of lijfelijk geweld.
De gevolgen zijn gigantisch. Pesten zorgt voor frustratie, isolement, slapeloosheid en ziekte (geschat wordt vier miljoen extra verzuimdagen per jaar). Het beheerst je hele leven, want je weet niet wanneer de volgende pesterij op de loer ligt. De productie en de kwaliteit van het werk dalen. De maatschappelijke kosten van pesten op het werk zijn berekend op 1,5 miljard (!!) euro per jaar.
Geschat wordt dat één op de tien zelfmoorden te maken heeft met pesten. Getuigen kunnen er nog jarenlang last van hebben, want zij stonden erbij en keken er naar. Tûmba roept mensen daarom op positie te kiezen. Lach niet om foute grapjes, spreek de dader aan op z’n gedrag, zoek medestanders onder de collega’s. Of bel Tûmba. Want pesten? Dat pik je niet.











